|
Voor zogenaamde groenfondsen is op grond van de "groen beleggen regeling" momenteel een fiscale stimulering evenals (per 2002) voor sociaal-ethische beleggingsfondsen. Projecten die van het ministerie van VROM een groenverklaring hebben ontvangen, kunnen bij een financiële instelling met een groenfonds een 'groene lening' aanvragen. De rente voor deze lening is ongeveer één tot twee procent lager dan de geldende marktrente. Particulieren die een duurzaam gebouwde woning aanschaffen komen in aanmerking voor een 'groene hypotheek' met een lagere rente dan de normale hypotheekrente. Het geld voor deze projecten en hypotheken is afkomstig uit groenfondsen. De rente of het dividend dat door een groenfonds wordt uitgekeerd is lager dan bij vergelijkbare fondsen. De rente-inkomsten van de fondsen uit de leningen of hypotheken zijn immers ook lager. Maar omdat de rente of het dividend niet belast wordt, kan een groenfonds voor particulieren toch aantrekkelijk zijn. Het ministerie voor Ontwikkelingssamenwerking geeft de sociaal-ethische verklaring af voor projecten die kwalificeren als sociaal-ethisch. Projecten die voor deze verklaring in aanmerking komen, moeten in het belang zijn van de voedselzekerheid, voedselverbetering, de sociale en culturele ontwikkeling of de economische ontwikkeling, werkgelegenheid en regionale ontwikkeling in ontwikkelingslanden. Aan een groenfonds kan op verschillende manieren worden deelgenomen. Bijvoorbeeld als beleggingsfondsen die (belastingvrij) dividend uitkeren en koersvorming kennen of als deposito/(obligatie) lening en dus (belastingvrij) rente uitkeren voor een bepaalde periode. Vanaf januari 2001 geldt het nieuwe belastingstelsel. In dit nieuwe stelsel wordt over het netto vermogen een rendement van 4% verondersteld dat wordt belast tegen 30%, zodat de effectieve belastingdruk op het netto vermogen 1,2% bedraagt. Er geldt een basisvrijstelling voor het belastbaar netto vermogen van EUR 17.000,- per persoon. Rente- en dividendvrijstelling komen te vervallen, maar ook de vermogensbelasting (0,7%) verdwijnt. De voorheffing van 15% over dividendinkomsten kan verrekend worden bij de belastingaangifte. Goenbeleggingen en sociaal-ethische beleggingen vallen vanaf 1 januari 2001 in de categorie ‘maatschappelijke beleggingen’ van Box III. Hiervoor geldt een vrijstelling van maximaal €53.421 (per 1-1-2008) per belastingplichtige. Daarnaast wordt in Box I een belastingkorting verleend van 1,3% van de waarde van de vrijgestelde maatschappelijke belegging. Vanaf 1 januari 2001 geldt bovendien gedurende 10 jaar de volgende overgangsregeling. Groenbeleggingen die vóór 1 januari 2001 zijn aangegaan of nadien krachtens erfrecht of huwelijksvermogensrecht zijn verkregen, zijn 10 jaar lang volledig vrijgesteld van de vermogensrendementsheffing van Box III. Daarnaast wordt gedurende deze periode – zonder de beperking tot €53.421 – in Box I een belastingkorting van 1,3% van de waarde van de belegging verleend. Voor de duurzame beleggingsfondsen is er geen fiscale stimulans. Deze fondsen beleggen immers in gangbare bedrijven. Hieronder de belastingdienst tekst voor 2008Belegt u of uw fiscale partner in 2008 geld in een groenfonds of een sociaalethisch fonds? Dan hebt u misschien recht op de heffingskorting: de korting voor maatschappelijke beleggingen. Leent u of uw fiscale partner geld aan een startende ondernemer of belegt u of fiscale partner geld in een cultuurfonds? Dan komt u misschien in aanmerking voor een andere heffingskorting: de korting voor directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen. Maatschappelijke beleggingen Maatschappelijke beleggingen zijn ‘groene’ beleggingen en sociaalethische beleggingen: – ‘Groene’ beleggingen zijn beleggingen in fondsen die de Belastingdienst heeft aangewezen en die deelnemen in projecten voor milieubescherming. Deze projecten moeten door de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer zijn goedgekeurd. – Sociaalethische beleggingen zijn beleggingen in fondsen die de Belastingdienst heeft aangewezen en die deelnemen in projecten voor bijvoorbeeld economische ontwikkeling in ontwikkelingslanden. Deze projecten moeten door de Minister van Ontwikkelingssamenwerking zijn goedgekeurd.
Twijfelt u of het groenfonds of het sociaalethisch fonds of het cultuurfonds waarin u belegt als zodanig door de Belastingdienst is aangewezen, informeer dan bij uw bank, het fonds of bel de BelastingTelefoon: 0800 - 0543. Beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen Directe beleggingen in durfkapitaal zijn: - achtergestelde leningen aan startende ondernemers die bij de Belastingdienst zijn geregistreerd (directe beleggingen); - leningen aan en beleggingen in bepaalde participatiemaatschappijen (indirecte beleggingen); - beleggingen in culturele fondsen die de Belastingdienst heeft aangewezen. Deze projecten moeten door de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen zijn goedgekeurd.
Een belegging kan als belegging in durfkapitaal worden aangemerkt als deze aan diverse voorwaarden voldoet. Deze voorwaarden betreffen bijvoorbeeld: – de hoogte van de belegging; – het doel waarvoor de startende ondernemer of de participatiemaatschappij de belegging gebruikt. Let op! De korting voor directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen geldt niet voor beleggingen via een participatiemaatschappij. Dit zijn zogenoemde indirecte beleggingen. Hoogte heffingskorting De heffingskorting voor maatschappelijke beleggingen en directe beleggingen in durfkapitaal is 1,3% van uw gemiddelde vrijstelling in box 3. De Belastingdienst voert de berekening van de heffingskortingen uit bij het vaststellen van uw aanslag.
Gemiddelde vrijstelling in box 3
Als u in 2008 maatschappelijke beleggingen hebt, geldt op elke peildatum (1 januari 2008 en 31 december 2008) een vrijstelling tot een gezamenlijke waarde van maximaal € 53.421. Er geldt echter een onbeperkte vrijstelling voor de beleggingen die u hebt: – in een aangewezen groenfonds dat bij de Belastingdienst is geregistreerd; en – die u op 31 december 2000 had of door een erfenis of door te trouwen hebt gekregen van degene die ze op 31 december 2000 had. Als u in 2008 directe beleggingen in durfkapitaal en culturele beleggingen hebt, geldt op elke peildatum een vrijstelling tot een gezamenlijke waarde van maximaal € 53.421.
Fiscale partner
Als u heel 2008 een fiscale partner hebt, kunt u uw vrijstelling in box 3 aan uw fiscale partner overdragen. U hebt dan zelf geen vrijstelling. Uw fiscale partner heeft dan maximaal een vrijstelling van € 106.842. Hierdoor krijgt uw fiscale partner recht op een hogere heffingskorting, afhankelijk van de hoogte van de gebruikte vrijstelling. Het is ook mogelijk dat uw fiscale partner zijn vrijstelling aan u overdraagt. Uw fiscale partner heeft dan zelf geen vrijstelling en u maximaal € 106.842. Daardoor krijgt u recht op een hogere heffingskorting, afhankelijk van de hoogte van de gebruikte vrijstelling. Het officiele document kunt u hier downloaden: Belastingdienst en maatschappelijke beleggingen 2008
|